Land van melk en honing?

Dit onderzoek laat zien dat dit deel van het veengebied in de kop van Drenthe in de periode tussen circa 1000 en 1400 intensief werd gebruikt.

Deze Rapportage Archeologische Monumentenzorg (RAM) bundelt de resultaten van het archeologische onderzoek naar de middeleeuwse veenterpen in de Peizer- en Eeldermaden dat in 2006 is uitgevoerd in samenwerking met de Universiteit Groningen. Het onderzoek werd uitgevoerd in het kader van de inrichting en het beheer van het archeologische monument Peizermaden. Het onderzoek bestond uit een systematische veldverkenning en booronderzoek en het graven van waardestellende proefsleuven door drie terpen.

Veenterpen

De veenterpen vormen de neerslag van plekken waar gedurende de periode tussen circa 1000 en 1400 werd gewoond en allerlei werkzaamheden zijn uitgevoerd. De hoge terpen bestaan uit fijn gelaagde resten van lemen vloeren en bewoninglagen met daarin paalsporen, resten van zodenwanden en haardplaatsen. Bij een van de terpen was de vloer geplaveid met kogelpotscherven. De bewoners hielden zich vooral bezig met veeteelt, akkerbouw lijkt een ondergeschikte rol te hebben gespeeld. De opbouw en de functie van de lage terpen is minder duidelijk. Vergelijking met oudere gegevens laat zien dat de terpen in de loop der jaren door inklinking lager zijn geworden.

Voor wie

Dit wetenschappelijke rapport is bestemd voor archeologen, andere erfgoedprofessionals en liefhebbers die zich bezighouden met de archeologie van Drenthe.

Colofon

Rapportage Archeologische Monumentenzorg 178
Auteurs: J. van Doesburg, A. Müller & J. Schreurs
ISBN: 978 905799 1561
© Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, 2010

Taal

Nederlands